Propyleenglycol

Monopropyleenglycol, gewoonlijk propyleenglycol genoemd, maar ook wel Propaan-1,2-diol, MPG, PG en glycol geschikt voor in de voedingsmiddelenindustrie. Propyleenglycol is al vele jaren de meest gebruikte glycol voor gebruik in voedsel- en drankverwerkingssystemen of wanneer er een vereiste is voor een non-toxische classificatie. Bijvoorbeeld wanneer de opdrachtgever of eindgebruiker elk risico op vergiftiging wil uitsluiten, zoals bijvoorbeeld bij mengsels van water of ethyleenglycol. Propyleen glycol heeft een veel lagere capaciteit voor efficiënte warmteoverdracht, vergeleken met ethyleenglycol. Het is ook veel stroperiger bij lagere temperaturen en vormt dus een grotere uitdaging om rond te pompen.

Propyleenglycol wordt op commerciële basis geproduceerd door een chemische reactie tussen propyleenoxide en een katalysator. De wereldwijde capaciteit bedraagt meer dan 1,5 miljoen ton per jaar.

Propyleenglycol – belangrijkste toepassingen : 

  • Warmteoverdrachtsvloeistoffen op basis van water, waarbij een vorstbescherming wordt gevraagd.
  • Secundaire koudemiddelen (vloeistof) in grote koelsystemen, waarbij het primaire koudemiddel (gas) en de bijbehorende installatie op een centrale plaats zijn gepositioneerd.
  • Koelvloeistof glycol is een alternatieve term voor secundair koelmiddel, maar onder deze laatste categorie vallen ook pekelvloeistoffen op basis van zout, alcohol en andere vloeistoffen die niet op water zijn gebaseerd.
  • Waterloze en op water gebaseerde antivriesformuleringen voor machines.
  • Als chemische grondstof voor de productie van polyestervormige harsen.
  • Deicing vloeistof voor vliegtuigen en start- en landingsbanen.
  • Als bevochtigingsmiddel, om het vochtgehalte (water) op peil te houden, onder andere bij de productie van tabak en andere voedingsmiddelen.

Minimum aanbevolen hoeveelheden propyleenglycol

Vaak wordt de vraag gesteld naar de aanbevolen minimale concentratie propyleenglycol die in een oplossing van water moet worden gebruikt. Hydratech beveelt een minimum van 25-30% aan dat een vorstbescherming van minder dan -10°C biedt, maar vaak heeft de gebruiker alleen vorstbescherming nodig tot bijvoorbeeld -2°C, wat aanzienlijk minder propyleenglycol in volume zou vereisen.

De aanwezigheid van bacteriën impliceert niet altijd bacteriële groei. Oplossingen van 25% of meer glycol zijn biotransparant, niet biocide. Als een bron van bacteriën in oplossingen van propyleen glycol wordt ingebracht, kan de vloeistof dus de aanwezigheid van bacteriën vertonen. Daarom raadt Hydratech aan om nieuwe installaties vóór de ingebruikname te reinigen en de systeemvloeistof periodiek te testen om te controleren of er sprake is van een biologische activiteit. Als klant van Hydratech kunt het het SureFlow-vloeistofonderhoudsprogramma raadplegen voor meer informatie. Om de kans op besmetting door externe besmetting verder te minimaliseren, bevatten alle Hydratech-formuleringen zowel biocides die werkzaam zijn op de korte en lange termijn.

Hieronder verschillende redenen voor de aanbevolen minimale concentratie;

1) Corrosie, schimmelvorming en biologische controles. Hydratech op propyleenglycol gebaseerde warmteoverdrachtsvloeistoffen zijn geformuleerd om te functioneren in zowel koel- als verwarmingssystemen met een breed scala aan concentraties. Om bescherming te bieden over een lange periode, moet het initiële mengsel ook de juiste balans hebben van corrosie, kalkaanslag en biologische inhibitoren om een goede corrosiebeheersing te behouden bij verschillende concentraties. De inhibitoren in CoolFlow NTP zijn zo geformuleerd dat ze de best mogelijke prestaties en levensduur van de vloeistof geven bij een propyleen glycolgehalte tussen 25 en 60% v/v. Door de propyleenglycol concentratie te verlagen tot minder dan 25% worden de inhibitor concentraties gereduceerd tot een niveau dat mogelijk niet voldoende corrosie, kalkaanslag en biologische bescherming biedt voor een systeem.

2) Verhoogde pH-bestendigheid tegen verzuring. Zowel ethyleen als propyleenglycol breken af bij blootstelling aan hoge temperaturen. Bij een hogere concentratie vloeistof is er ook een grotere concentratie inhibitor in de oplossing aanwezig. De hogere concentratie inhibitoren zorgen voor een verhoogde zuurgraad, die door de afbraak van propyleenglycol kunnen worden gevormd, tegen te gaan.

3) Biologische volledigheid van de vloeistof. De derde reden om minstens 25% propyleen glycol in het systeem te gebruiken, betreft de mogelijkheid van bacteriële groei. Bij concentraties van 20% of meer remmen zowel ethyleen als propyleenglycol de groei en proliferatie van de meeste microben en schimmels. De verminderde oppervlaktespanning in de glycoloplossing onderbreekt de celwanden van de bacteriën, wat resulteert in een omgeving die de bacteriële groei niet ondersteunt. Bij zeer lage glycolconcentraties, bijvoorbeeld onder 1%, werken zowel ethyleen als propyleenglycol als voedingsstof voor bacteriën. Bij deze concentraties zullen bacteriën de propyleenglycol biologisch afbreken, waardoor er een snelle groei van bacteriële schade ontstaat. Bij niveaus boven 1 en onder 20% kunnen sommige bacteriën overleven met een beperkte groei, vooral bij gematigde temperaturen.

 

error: Inhoud is beveiligd.